Veiligheid werknemers en omstanders


Dit hoofdstuk behandelt de veiligheidsmaatregelen die je moet nemen voor medewerkers die betrokken zijn bij de uitvoering van de beheersmaatregelen.

Ook andere terreinwerkers die met de eikenprocessierups in aanraking kunnen komen, zoals groendiensten, verantwoordelijken voor het onderhoud van kabels en riolen, landbouwers en postbodes, lopen een risico. Informeer ook deze groepen, zodat ze passende maatregelen kunnen nemen.

Een derde groep zijn aanwonenden, passanten en omstanders, die moeten gewaarschuwd worden bij werkzaamheden, zodat ze niet in aanraking komen met verwaaiende brandharen of spuitnevels.

Materiaal


Industrieel wegzuigen van nesten

De tractor moet voorzien zijn van een overdrukcabine met koolstoffilters, zodat eventuele brandharen niet kunnen binnendringen.

Bespuiten met een bacteriepreparaat

Ook voor het spuiten gebruik je een tractor met overdrukcabine met koolstoffilters, zodat de spuitvloeistof niet kan binnendringen. De boomnevelspuit moet voorzien zijn van een elektrische vloeistofafsluiter die de toevoer van het spuitmiddel onmiddellijk afsluit als er voorbijgangers passeren. Bij voorkeur zorgt een camera voor het vroegtijdig signaleren van voorbijgangers om tijdig de toevoer van de spuitvloeistof af te sluiten.

Persoonlijke beschermingsmiddelen


Wie beroepsmatig te maken heeft met eikenprocessierupsen en hun brandharen (groendiensten, aannemers, brandweerlui, onderhoudsdiensten voor wegen, voor laanbomen en bermen) moet daarvoor over de nodige Persoonlijke Beschermingsmiddelen (PBM) beschikken. Neem deze vereisten op in het bestek voor de opdracht en laat toezichthouders steekproefsgewijs toezien op het gebruik.

Industrieel wegzuigen van nesten

De uitvoerende medewerker die op of bij het apparaat of op de hoogwerker de nesten verwijdert en alle betrokkenen in de verwerkingsstroom van het afval moet volledig beschermd zijn tegen de brandharen.

Zie hieronder voor een compleet overzicht.

PBM Specificatie Beschrijving Aanvullend
*Overdrukmasker of kap NEN-EN 146
EN12941 +A2
Minimaal volgelaatsmasker of complete kap met kraag tot over de schouder. Altijd in combinatie met slang en aanblaasunit EN397 helm
EN166 oog-/gezicht bescherming
EN352-3 Gehoorbescherming
*Aanblaasunit overdrukmasker NEN-EN 146
EN12941 + A2
Minimale flow: 120 l/min
Motor aangedreven luchttoevoer met elektronische flowcontrole en waarschuwing. Meestal accuaangedreven. Evt. voorzien van voorfilter(s)
*Luchtslang EN12941 Rubber/HDP Verbinding tussen masker en aanblaasunit. Samenstelling dient te voldoen aan:
EU-richtlijn 2016/425
PPE-richtlijn 89/686/EEC
*Ademfilters NEN-EN 143
EN12941/EN12942
P3 fijnstof filter
HR (hoog rendement)
ODHR + organische dampen
Filters: in aantal en specificatie afhankelijk van de producent.
Samenstelling dient te voldoen aan:
EU-richtlijn 2016/425
PPE-richtlijn 89/686/EEC
Voorfilters: grof filter; rvs-gaas
Hepa
Wegwerp-overalls EN ISO 13982-1 + A1 type 5
EN ISO 13034 + A1 Type 6
Kleding voor eenmalig gebruik: lichaamsbescherming tegen stofdeeltjes met capuchon, ritssluiting en elastiek in mouwen en broekspijpen. Kleefstrips over de rits
Handschoenen:
Overhandschoen EN 388/EN ISO 374-1 /EN ISO 374-5 Dik pvc-vloeistof dicht.
Nitril vloeistof dicht.
Handschoenen met lange schacht
Onderhandschoen EN 388 cat 1 Katoen handschoen t.b.v. comfort en extra bescherming bij de ‘uitkleedprocedure’.
Onderhandschoen EN 455/ EN ISO 374-1
EN ISO 374-2
Nitrilhandschoen tegen chemische risico’s en microbiële risico’s.
Schoeisel/laarzen EN 345
Classe S4 of hoger
Waterdicht beschermend schoeisel, met voldoende grip.

Bespuiten met bacteriepreparaat

Bij mensen en dieren kan het Bt-preparaat sensibiliserende reacties en zelfs huid- en oogirritaties veroorzaken. De uitvoerende medewerker moet volledig beschermd zijn tegen de chemicaliën.

PBM Specificatie Beschrijving Aanvullend
Wegwerp-overall EN14605
Spraydichte verbinding
Type 4
Beschermende kledij tegen chemicaliën Vb. Tychem 6000 F
Tychem F coverall type 3 t/m 6
Half- of volgelaatsmasker EN 149: 2001+A1: 2009 Minstens halfgelaatsmasker type FFP2 of FFP3 (klasse 2)
Handschoenen EN 374-1: 2003 Nitrilhandschoen tegen chemische risico’s en microbiële risico’s
Beschermbril Kunststof beschermbril tegen chemicaliën
Schoeisel/laarzen Waterdicht beschermend schoeisel

Het bacteriepreparaat wordt in de regel gebruikt vóór de fase waarin de rupsen brandharen ontwikkelen. Wel kan het zijn dat er in de bomen nog een oud nest aanwezig is, dat door de druk van het spuiten zou kunnen vallen.

Procedure aan- en uittrekken Persoonlijke Beschermingsmiddelen

Dit is de meest ideale procedure, waarbij er telkens van pak, mondmasker en handschoenen kan verwisseld worden. Het gaat hier om een leidraad en in de praktijk is het mogelijk dat hiervan moet afgeweken worden.

Aankleedprocedure

  1. Aantrekken 1e paar nitrilhandschoenen
  2. Aantrekken beschermpak type Tyvek, kap nog niet opzetten!
  3. Aantrekken laarzen
  4. Pak over de laarzen trekken
  5. Opzetten volgelaatsmasker of halfgelaatsmasker en veiligheidsbril
  6. Aantrekken stevige handschoenen
  7. Opzetten kap
  8. Aansluiten filter bij gebruik van een volgelaatsmasker
Preventie - Beschermingskledij
Preventie – Beschermingskledij

Uitkleedprocedure

  1. Stap in de vuilniszak
  2. Uittrekken van werkhandschoenen
  3. Afzetten van kap
  4. Openen pak
  5. Uittrekken van het pak en de laarzen zonder de binnenkant van het pak aan te raken
  6. Afzetten van het mondmasker en de veiligheidsbril (of volgelaatsmasker)
  7. Laarzen uit de vuilzak halen
  8. Uittrekken van de nitrilhandschoenen
  9. Toeknopen van de vuilzak

Opleiding


De volgende regels gelden voor Vlaanderen:

  • Diegene die de spuitwerkzaamheden met Bt verricht, moet over een Fytolicentie P1 beschikken;
  • De verantwoordelijke in de organisatie voor de bedrijfsvoering (onder meer aankoop, opslag, toepassing, voorlichting en advies rond het bestrijdingsmiddel) heeft een Fytolicentie P3 nodig;
  • Meer info over deze licenties is te vinden op de Opleidingsdatabank Vlaamse opleidingsincentives.

Veiligheid omstaanders


  • Communiceer tijdig je geplande werkzaamheden aan omwonenden. Gebruik hierbij je website, lokale pers en sociale media;
  • Geef op de tractor duidelijk aan dat men werkt aan de bestrijding van de eikenprocessierups;
  • Onderbreek de werkzaamheden wanneer passanten te dichtbij komen. Vermijd bij het gebruik van het bacteriepreparaat dat passanten in contact komen met de nevelwolk, en bij wegzuigen dat ze in aanraking komen met eventueel verwaaiende haren;
  • Bij gebruik van biociden of nematoden mag de zone niet betreden worden door het publiek of door onbeschermde medewerkers tijdens het sproeien of tijdens de droogperiode.