Socio-economische studie
Eikenprocessierupsen veroorzaken een hele reeks van hinderlijke effecten. Naast gezondheidseffecten, zoals jeuk en last aan ogen en luchtwegen, veroorzaken de rupsen ook indirecte overlast, waaronder schade aan eikenbomen, ziekte bij huisdieren en vee en het moeten sluiten van campings, festivals, terrassen, fiets- en wandelpaden, enz. Kortom, eikenprocessierupsen hebben een grote socio-economische impact.

Socio-economische kost van de eikenprocessierups
Om een beter zicht te krijgen op de kostprijs veroorzaakt door plagen van de eikenprocessierups, gebeurde er in dit project ook een socio-economische impactstudie. Hierin wilden we nagaan wat de financiële impact van het beheer van de eikenprocessierups is.
Kosten-batenanalyse van de verschillende beheermethoden
Daarnaast onderzochten we wat de kostprijs is voor het toepassen van de verschillende beheermethoden. We brachten hierbij de kosten van materiaal, benodigdheden en werkuren in rekening en vergeleken de kostprijs van de verschillende ecologische beheermethoden onderling en ook met de huidige kostprijs voor het bestrijden aan de hand van biociden.
De effectiviteit (= de afname van het aantal eikenprocessierupsen) van de verschillende methodes werd in een kosten-batenanalyse in rekening gebracht.
We verwachten dat de ecologische methodes de arbeidskost significant gaan reduceren aangezien ze veel minder arbeidsintensief zijn.
Ook de indirecte kosten – de impact op de biodiversiteit van de verschillende methodes werd in kaart gebracht.

Voor de nodige gegevens voor de studie werd beroep gedaan op onze Ambassadeursgemeenschap, 35 gemeentes uit de 5 provincies in het projectgebied, die bereid werden gevonden jaarlijks een vragenlijst over hun eikenprocessiebeheer te beantwoorden.
Wat heeft de socio-economische studie ons geleerd?
De uitgebreide enquête onder de ambassadeursgemeenschap gaf ons inzicht in de kosten van verschillende beheermethoden en -strategieën die door de gemeentes gebruikt werden en de evolutie van de bijhorende kosten gedurende de periode van vier jaar.
Wat betreft de verschillende gebruikte strategieën – combinaties van preventieve, curatieve of alternatieve maatregelen – moet één belangrijke bevinding worden vermeld: gemeentes die enkel curatieve maatregelen zoals wegzuigen gebruikten, besteedden slechts 45% van het budget van diegenen die zowel preventieve als curatieve maatregelen gebruikten. Dit betekent dat, ongeacht de hogere kostprijs per boom en de praktische bezwaren, het toch efficiënter zal zijn te investeren in curatieve maatregelen dan in de meer schadelijke preventieve maatregelen.

De analyses van de kosten t.o.v. effectiviteit en van de impact op de biodiversiteit tonen het volgende aan:

