/ / Bestrijding

Bestrijding


De bestrijding van de eikenprocessierups gebeurt best op een manier die zo mens- en milieuvriendelijk en ecologisch mogelijk is. Hieronder worden de huidige aanbevelingen (2020) toegelicht. We hopen door dit LIFE-project de nadruk nog meer te kunnen verschuiven naar een ecologisch beheer en het gebruik van biociden op termijn helemaal te kunnen bannen.

Gezondheidsimpact

De eikenprocessierups bezit microscopisch kleine brandharen, die vanaf het derde larvestadium (vanaf mei) gevormd worden en een actief verdedigingsmechanisme voor de soort vormen.

De brandharen blijven tot 7 jaar lang actief en bevinden zich ook in nestmateriaal en oude vervellingshuiden.

De brandharen bezitten het eiwit thaumetopoeine dat een allergische reactie bij mens en dier veroorzaakt. Contact met brandharen veroorzaakt irritatie van de huid, ogen en de bovenste luchtwegen. Deze effecten kunnen zeer ernstige vormen aannemen.

Het ongemak is het grootste in de periode mei-juni wanneer de rupsen volgroeid zijn. Meer over de effecten op gezondheid lees je hier.

Waar bestrijden?

We adviseren om enkel te bestrijden in woonkernen of op andere drukbezochte publieke plaatsen zoals wandel- of fietswegen. In natuur- of bosgebieden wordt het biologisch evenwicht normaal gezien behouden door de natuurlijke vijanden van de rups en ondervindt de mens weinig hinder. Geen bestrijdingsmaatregelen nemen is het meest milieuverantwoorde beheer.

Rupsen en nesten wegzuigen of manueel verwijderen heeft de voorkeur op branden. Enkel als voorgaande methoden geen oplossing bieden, is een bestrijding met een erkend pesticide te overwegen.

Knelpunten bij het beheer

De beheermaatregelen tegen de eikenprocessierups hebben als doel de hinder door de eikenprocessierups voor de mens zoveel mogelijk weg te nemen. Het uitgangspunt hierbij is pesticiden-vrij beheer volgens het principe van de drietrapsstrategie (zie Plan van aanpak).

Er wordt een onderscheid gemaakt tussen preventieve bestrijding en curatieve bestrijding:

  • Preventieve bestrijding is er op gericht te voorkomen dat de rupsen een stadium bereiken waarin ze veel brandharen hebben en kunnen verspreiden.
  • Curatieve bestrijding is er op gericht om reeds aanwezige rupsen met brandharen of restanten ervan te verwijderen.

Daarbij zijn er verschillende knelpunten:

  • De periode voor preventieve bestrijding is beperkt in de tijd (gemiddeld 3 weken).
  • De preventieve bestrijding is weersafhankelijk.
  • Aan het beheer zijn hoge kosten verbonden. Zeker curatieve bestrijding is arbeidsintensief en duur.
  • Voor de preventieve bestrijding is er (in België) in 2020 slechts 1 product erkend, met na-me NeemPro®tect. Daarnaast is er een tijdelijke toelating voor het gebruik van Foray®ES op plaatsen waar NeemPro®tect niet mag gebruikt worden volgens de voorwaarden van de erkenning.
  • De preventieve bestrijding treft ook andere insectensoorten die zich voeden met het blad van de eik en is potentieel schadelijk voor het waterleven. Door drift kan het bestrijdingsmiddel in de nabije omgeving terecht komen en ook daar andere soorten treffen.

Plan van aanpak

Het uitgangspunt bij de aanpak van de overlast door de eikenprocessierups is pesticidenvrij beheer volgens het principe van de drietrapsstrategie:

  1. Voorkomen van gezondheidshinder, bv. door sensibilisatie
  2. Toepassen van alternatieve pesticidenvrije technieken
  3. Bestrijding met gebruik van biociden

De eikenprocessievlinder is een inheemse vlindersoort en heeft zijn plaats in ons ecosysteem. Daarom wordt er enkel bestreden op plaatsen waar er een risico is voor de gezondheid. In de meeste gevallen kan je dus best bestrijden zonder biociden en is het beter te kiezen voor andere methoden. Naast het beheer van de eikenprocessierups zijn communicatie naar de burger en monitoring twee belangrijke acties die niet mogen ontbreken.

Communicatie en sensibilisatie

Het is belangrijk om accurate informatie te geven aan burgers en aan gemeenten als aanspreekpunt van de burger en als beheerder van de eikenprocessierups. Door de burgers te informeren over de reële gezondheidshinder en de voor- en nadelen van de toegepaste beheermethoden, creëer je draagvlak waardoor beheerkeuzes in de gemeente beter aanvaard worden.

Sensibilisatie kan ook leiden tot gedragsverandering, waardoor mensen minder blootgesteld worden aan brandharen, en een zekere tolerantie voor een beperkte mate van overlast.

Informatiebord in Maaseik
Informatiebord

Enkel bestrijding op belangrijke publieke plaatsen om gezondheidsredenen

Bij voorkeur wordt er enkel bestreden op publieke plaatsen waar er aanduidingen zijn van de aanwezigheid van rupsen: in de bebouwde kom, rond bedrijven (landbouw, industrieterrein, graasweiden) of op andere belangrijke publieke plaatsen zoals langs fiets- en wandelwegen, speeltuinen, begraafplaatsen, scholen, etc. Oude en nieuwe spinselnesten, een bron van irriterende brandharen, worden op deze plaatsen ook zo mogelijk verwijderd.

Deze visie wordt gevolgd om de gezondheidsrisico’s te beperken en om de negatieve impact op de bezoeker en de natuur te verkleinen. Het is niet de bedoeling, en bovendien onmogelijk en onwenselijk, om de soort uit te roeien. In natuur- en bosgebieden zorgen de natuurlijke vijanden (bepaalde vliegen, wespen, kevers maar ook virussen en schimmels) voor het biologisch evenwicht. Op deze plaatsen vormt de eikenprocessierups minder een probleem voor de gezondheid.

Proactief beheer met de juiste middelen op de juiste plaats

Om te beslissen waar en met welk middel er bestreden wordt, kan men best rekening houden met de plaagdruk, de maatschappelijke hinder en de ecologische impact, hierbij rekening houdend met de ligging ten opzichte van beschermde gebieden, waterlopen en voorkomen van beschermde vlindersoorten.

De keuze van de juiste middelen of beheermethoden is daarnaast afhankelijk van het ontwikkelingsstadium van de rups. De provincies communiceren in hun nieuwsbrieven over de begin- en einddatum van de mogelijke bestrijdingsmethoden. Provinciale experts volgen de situatie in de natuur nauwkeurig op. Monitoring en evaluatie zijn essentieel om de plaagdruk en de meest geschikte aanpak te bepalen voor het jaar van bestrijding en het daaropvolgende jaar.

Monitoring

Een gedegen monitoring is vereist voor het bepalen van het gepaste beheer en voor de evaluatie van de uitgevoerde beheermaatregelen, ook wanneer er geen biociden gebruikt worden.

Overzicht beheermethoden

Niets doen is het meest milieuverantwoorde beheer.

Volgende beheermethoden zijn mogelijk en doeltreffend:

  • Nesten wegzuigen
  • Manueel verwijderen
  • Branden
  • Bladbespuiting met (tijdelijk) erkende producten onder voorwaarden

Daarnaast wordt ook de volgende methode gebruikt; die succesvol lijkt te zijn maar nog verder onderzocht moet worden:

  • Behandeling met nematoden

In het huidige LIFE-project, gaan we de doeltreffendheid van een aantal alternatieve technieken op grote schaal uittesten en meten in een wetenschappelijk onderbouwde studie. Kleinschalige studies tonen alvast aan dat ze leiden tot een daling van het aantal eikenprocessierupsen. Aan het einde van dit project, willen we graag kunnen inschatten hoe sterk die daling precies is.

  • Mezen aantrekken als predator door nestkasten te hangen
  • Natuurlijke vijanden aantrekken door een aangepast bermbeheer: een verhoogde nectar-aanbod en/of schuilgelegenheid trekt meer sluipwespen en –vliegen aan
  • Uitzetten van de grote poppenrover, een natuurlijke vijand van de eikenprocessierups

Keuze van de beheermethode, criteria en voorwaarden

Hieronder worden de verschillende bestrijdingsmethoden en randvoorwaarden bij toepassing besproken.

Geen bestrijdingsmaatregelen – waarschuwen of zones afsluiten

Voorwaarden:

  • Waarschuwen via borden, afzetlint, informatieblad
  • Tijdelijk afsluiten indien nodig

Niet bestrijden is de meest ecologische oplossing. Indien de rupsen aanwezig zijn in een regio waar de plaagdruk zeer laag is of op plaatsen waar er weinig burgers wonen of passeren, wordt er best niet bestreden aangezien er geen of minimaal gezondheidsgevaar is. Indien er tovh een gezondheidsgevaar is, wordt de bevolking gewaarschuwd door een bord en/of lint. De locaties met potentieel gezondheidsgevaar kunnen bijvoorbeeld ook bekend gemaakt worden in het gemeentelijk informatieblad. Indien nodig kunnen getroffen zones tijdelijk afgesloten worden.

Afzetlint
Afzetlint

Zuigen of manueel verwijderen van nesten

Voorwaarden:

  • Het verzamelde materiaal moet verbrand worden door een erkend verwerkingsbedrijf voor dierlijke resten.

Voor de bestrijding van net uitgekomen rupsen zonder brandharen (tot derde larvestadium, maar dit is visueel moeilijk waarneembaar) zijn stofzuigers geschikt. Bijzondere voorzorgsmaatregelen zijn dan nog niet nodig.

Rupsen met brandharen (in de periode juni – augustus) kan men beter opzuigen met een zware industriële stofzuiger of een mesttank met vacuümpomp, gedeeltelijk gevuld met water met een onderdruk van minstens 3 bar. Zowel zuigen als branden moet verschillende keer herhaald worden per seizoen. Oude spinselnesten kan men met deze methode het hele jaar door opruimen. Om de omgeving zo minimaal mogelijk te belasten, wordt er aangeraden dat te doen onder natte omstandigheden.

Het zuigen start men best in het voorjaar, kort na het uitkomen van de eieren. De rupsen verzamelen zich dan aan de onderkant van dikkere takken en zien eruit als donkere, harige bolletjes. Omdat ze nog geen brandharen bezitten en weinig volume hebben, kun je snel werken aan een hoog rendement. Bij voorkeur zuigt men ’s ochtends, omdat jonge rupsen zich later op de dag in processie voortbewegen. Vanaf begin juni zitten de oudere rupsen soms op de stammen en kan men er met de zuiger gemakkelijk bij.

Nesten kunnen ook manueel verwijderd worden.

Branden

Voorwaarden:

  • Branden is mogelijk vanaf de vierde ontwikkelingsfase
  • Branden moet door ervaren personeel gebeuren zonder de bast van de boom te beschadigen.
  • Herhaal de methode enkele keren tijdens het rupsenseizoen.
  • Nesten en oude nesten zijn ook een bron van irriterende brandharen en moeten ook verwijderd worden.

Gezien de kans op beschadiging van de bomen, het ontstaan van bermbranden en het ongewild verspreiden van brandharen bij het branden, heeft wegzuigen de voorkeur op branden.

Zodra de rupsen zich op de stam verzamelen, kan men beginnen met ze weg te branden. Goede instructies voor de uitvoering zijn belangrijk, aangezien men zeer nauwkeurig moet werken. Vermijd schade aan de bast van de boom door de vlam niet loodrecht op de stam te richten, maar er langs te strijken zoals een schilder met zijn kwast. Brand alleen met het gele deel van de vlam. Begin bovenaan zodat de gevallen rupsen nogmaals door de vlam komen. Om te voorkomen dat rupsen die van de boom vallen weer tegen de stam opkruipen, brand men best na op de grond. Pas op voor bermbranden. Tijdens het seizoen moet je de methode enkele keren herhalen, zodat rupsen die op een later tijdstip van de kroon naar de stam kruipen alsnog worden vernietigd.

Er zijn verschillende propaanbranders op de markt. Om op een hoogte van twee, drie meter vanaf de grond te kunnen branden, gebruikt je best een verlengstuk.

Tot heden zijn er enkele brandweerkorpsen die helpen met branden. Voorlopig zijn er weinig ondernemers die dit aanbieden.

Risico’s bij deze methode zijn de beschadiging van de cambiumlaag van de eik en de kans op bermbranden. Het is niet aangenaam werken bij warm weer en de kledij moet na het werken weggegooid worden. Een deel van de brandharen worden niet mee verbrand maar verspreiden zich met de warme lucht tijdens het verbranden.

Bladbespuiting met biociden (Belgische richtlijnen)

Er is in België slechts één product erkend als biocide tegen de eikenprocessierups, namelijk NeemPro®tect. Door de negatieve invloed van dit product op de biodiversiteit en dus ook op de natuurlijke vijanden van de eikenprocessierups zijn er strenge gebruiksvoorwaarden. Op de plaatsen waar het gebruik van NeemPro®tect niet toegelaten is, mag door een tijdelijke erkenning het minder schadelijk product Foray®ES gebruikt worden.

Bij gebruik van NeemPro®tect moet er aan de Vlaamse Milieumaatschappij (VMM) op voorhand een toelating gevraagd worden via Procedure 3. Voor het gebruik van Foray® ES is er op voorhand een melding verplicht via procedure 1. Meer informatie en de te ondernemen stappen kan gevonden worden op de website “Zonder is Gezonder”.

De Leidraad Beheer Eikenprocessierups 2020 opgesteld door de Provincie Antwerpen, kan u hier terugvinden.

Aan het einde van dit project, zal een nieuwe leidraad één van onze belangrijkste outputs zijn.